Legerpredikant op vredesmissie

Zaterdag 5 oktober 2013

- Ds. J. den Boer -

k Sla d' ogen naar 't gebergte heen,

Vanwaar ik dag en nacht

Des Hoogsten bijstand wacht.

Mijn hulp is van den Heer' alleen,

Die hemel, zee en aarde,

Eerst schiep, en sinds bewaarde.

Psalm 121:1 

 

Ds. J. den Boer

In 2002 verruilt ds. den Boer de gemeente voor de krijgsmacht.

Ds. den Boer kon in 1969 kiezen of hij drie jaar naar Suriname zou gaan als militair of dat hij dit niet zou doen en zou gaan trouwen. Hij koos om te trouwen. Hij is, zoals te lezen is in het bovenstaande artikel, tot 1990 beroepsmilitair geweest. In 1994 rondde ds. den Boer zijn studie theologie af. Een jaar later werd hij bevestigd in Wouterswoude. In 2001 vertrok hij naar Numansdorp. Vanuit daar werd hij legerpredikant.

 

Leger

In het leger heb je niet te maken met ‘ons-soort-mensen’. Maar, wat zijn eigenlijk ‘ons-soort-mensen’? Zowel in Nederland als in het buitenland heb je te maken met zielen voor de eeuwigheid.

 

Evangeliseren

‘Je komt er nergens zo goed achter wie jezelf bent als wanneer je evangeliseert.’ De kerk hoort naar buiten gericht te zijn, niet naar binnen. Evangeliseren (in het leger) is niet zeggen ‘ik kom je bekeren’. Evangeliseren is het gesprek aan gaan, erachter komen wie de persoon tegenover je is. En op basis daarvan uitvogelen of iemand iets met God heeft, met Hem daarboven. In het leger is één ding heel erg van belang, dat is dat je écht bent. Wanneer je schijnheilig en hypocriet bent heb je geen kans van slagen.

 

Geen verfrommeld notitieblaadje.. een leesbare brief van Christus!

De Heere wil dat we er voor uit komen dat we Hem dienen. Voorbeeld: Piet zette de televisie op de kamer voortdurend uit, wanneer deze aan ging. In het begin was hij het mikpunt van spot. Maar, na een maand bleef de televisie uit, zonder dat Piet deze uit hoefde te zetten. Wanneer er vervolgens een mars gelopen moest worden werden Piet zijn spullen gedragen door anderen.

Wanneer we uitkomen voor de Heere zorgt dit er voor dat we worden gerespecteerd door anderen. We moeten een leesbare brief zijn, geen verfrommeld notitieblaadje.

 

Laat praten

Twaalf jaar geleden was er in Bosnië sprake van verschillende toestanden; Sebrenica. Van de één op de andere dag werden buren doodsvijanden. De geestelijke verzorging voor mensen in zo’n oorlogsgebied bestaat uit het hen ‘laten praten’. Hen hun verhaal laten doen. 30 procent van onze militairen komt terug met een Posttraumatische Stressstoornis (PTSS). Zeg tegen hen nooit dat je hun verhaal zat bent, laat je vriend, familielid of kennis praten, zijn/haar verhaal doen. Als legerpredikant en/of geestelijk verzorgende in het leger moet je ‘er zijn’ voor de militairen.

In onze kerken is over het algemeen weinig tot geen aandacht voor militairen. Terwijl het zo belangrijk is.

 

Hoe werkt de Heere?

We moeten met het Woord komen, met Gods Woord. Tevens moeten we zelf een lichtend Licht en een zoutend Zout zijn, een leesbare brief van Christus. De taak van een legerpredikant, maar ook van ons allemaal, is om aan anderen duidelijk te maken dat we op weg zijn naar een eeuwigheid. Dat er meer is dan dit leven.

 

Komt, maakt God met mij groot,

Verbreidt, verhoogt, met hart en stem,

Den nooit volprezen Naam van Hem,

Die ons behoedt in nood.

Ik zocht in mijn gebed

Den Heer', ootmoedig met geween.

Hij heeft mij in angstvalligheen,

Geantwoord, mij gered.

Psalm 34: 2

Spreuken 30: 1-9

 

1 De woorden van Agur, den zoon van Jake; een last. De man spreekt tot Ithiël, tot Ithiël en Uchal.

2 Voorwaar, ik ben onvernuftiger dan iemand; en ik heb geen mensenverstand;

3 En ik heb geen wijsheid geleerd, noch de wetenschap der heiligen gekend.

4 Wie is ten hemel opgeklommen, en nedergedaald? Wie heeft den wind in Zijn vuisten verzameld? Wie heeft de wateren in een kleed gebonden? Wie heeft al de einden der aarde gesteld? Hoe is Zijn Naam, en hoe is de Naam Zijns Zoons, zo gij het weet?

5 Alle rede Gods is doorlouterd; Hij is een Schild dengenen, die op Hem betrouwen.

6 Doe niet tot Zijn woorden, opdat Hij u niet bestraffe, en gij leugenachtig bevonden wordt.

7 Twee dingen heb ik van U begeerd, onthoud ze mij niet, eer ik sterve;

8 IJdelheid en leugentaal doe verre van mij; armoede of rijkdom geef mij niet; voed mij met het brood mijns bescheiden deels;

9 Opdat ik, zat zijnde, U dan niet verloochene, en zegge: Wie is de HEERE? of dat ik, verarmd zijnde, dan niet stele, en den Naam mijns Gods aantaste.

Copyright © 2016 Jong&Actueel. Alle rechten voorbehouden.